Oefening 1: Examenvoorbereiding
Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder
Correo interno sobre una oferta de trabajo
Woorden om te gebruiken: compromiso, negativa, oferta, duda, negociación, opinión, sin, contraoferta, resultado, rechazó
(Intern bericht over een jobaanbieding)
En la intranet de la empresa, Recursos Humanos publica hoy el de la con un proveedor de servicios informáticos. El director explica que la inicial era muy positiva en precio, pero en soporte técnico. Después de varias reuniones, ambas partes llegan a un : el proveedor mejora el servicio y la empresa acepta un contrato más largo.
En el mensaje, el director escribe que, en su , la nueva oferta es clara y justa. También recuerda que, , la empresa algunas condiciones falsas del primer documento y pidió una con cláusulas más transparentes. Ahora invita a los equipos a enviar comentarios si creen que el acuerdo no refleja bien sus necesidades diarias de trabajo.Op het intranet van het bedrijf publiceert de afdeling Personeelszaken vandaag het resultaat van de onderhandelingen met een leverancier van IT-diensten. De directeur legt uit dat de initiële aanbieding qua prijs heel aantrekkelijk was, maar wat betreft technische ondersteuning niet voldeed. Na meerdere vergaderingen bereiken beide partijen een compromis: de leverancier verbetert de service en het bedrijf gaat akkoord met een langere contractduur.
In het bericht schrijft de directeur dat de nieuwe aanbieding naar zijn mening duidelijk en eerlijk is. Hij herinnert er ook aan dat het bedrijf zonder twijfel enkele onjuiste voorwaarden uit het eerste document heeft afgewezen en om een tegenvoorstel met transparantere clausules heeft gevraagd. Nu nodigt hij de teams uit om opmerkingen te sturen als ze vinden dat de overeenkomst hun dagelijkse werkbehoeften niet goed weerspiegelt.
-
¿Por qué la oferta inicial era positiva y por qué era negativa, según el texto?
(Waarom was de initiële aanbieding volgens de tekst positief en waarom volgens de tekst negatief?)
-
¿Qué cambios se producen después de las reuniones entre la empresa y el proveedor?
(Welke veranderingen traden er op na de vergaderingen tussen het bedrijf en de leverancier?)
-
¿Qué hizo la empresa con las condiciones del primer documento y qué pidió después?
(Wat deed het bedrijf met de voorwaarden uit het eerste document en wat vroeg het daarna?)
-
En tu trabajo o estudios, ¿en qué situaciones tienes que negociar algo y qué sueles pedir?.
(Op je werk of tijdens je studie: in welke situaties moet je iets onderhandelen en wat vraag je meestal?)
Oefening 2: Een woord matchen
Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.
Oefening 3: Meerkeuze
Instructie: Kies de juiste oplossing
1. Ayer en la reunión Marta dijo que el resultado de la negociación era positivo y que ella ___ que todos estaban de acuerdo.
(Gisteren zei Marta tijdens de vergadering dat de uitkomst van de onderhandeling positief was en dat zij ___ dat iedereen het ermee eens was.)2. Yo ___ que no estaba tan seguro y que para mí la oferta era justa pero no era perfecta.
(Ik ___ dat ik niet zo zeker was en dat het aanbod voor mij eerlijk was maar niet perfect.)3. El director dijo que antes todos ___ que la contraoferta era negativa, pero ahora opinaban que podía ser un buen compromiso.
(De directeur zei dat vroeger iedereen ___ dat het tegenvoorstel negatief was, maar nu vonden ze dat het een goed compromis kon zijn.)4. Al final de la reunión todos estaban cansados, pero yo ___ que la negociación era necesaria y que era importante ser paciente.
(Aan het einde van de vergadering was iedereen moe, maar ik ___ dat de onderhandeling nodig was en dat het belangrijk was geduldig te zijn.)Oefening 4: Gesprekskaarten
Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.
Oefening 5: Discussievragen
Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.
Nuttige uitdrukkingen:
En mi opinión… / Yo creo que… / Aceptaría la oferta si… / No aceptaría la oferta porque… / Estoy de acuerdo / No estoy de acuerdo porque…
-
En tu trabajo o en tus estudios, ¿qué es más importante para ti en una oferta: el salario o el horario? ¿Por qué?
Op je werk of tijdens je studie: wat is voor jou belangrijker in een aanbod — het salaris of de werktijden? Waarom?
__________________________________________________________________________________________________________
-
Imagina que tu jefe te pide hacer muchas horas extra sin pagar más. ¿Aceptarías o rechazarías la propuesta? Explica tu opinión.
Stel dat je baas je vraagt om veel overuren te maken zonder extra te betalen. Zou je het voorstel accepteren of afwijzen? Licht je mening toe.
__________________________________________________________________________________________________________
-
Piensa en una compra importante (por ejemplo, un coche o un piso). ¿Qué condiciones necesitas para aceptar la oferta?
Denk aan een belangrijke aankoop (bijvoorbeeld een auto of een appartement). Aan welke voorwaarden moet worden voldaan om het aanbod te accepteren?
__________________________________________________________________________________________________________
-
En una reunión con un cliente, si no estás de acuerdo con algo, ¿cómo explicas tu punto de vista de forma educada en español?
Tijdens een vergadering met een klant, als je het ergens niet mee eens bent, hoe leg je je standpunt dan beleefd uit in het Spaans?
__________________________________________________________________________________________________________
Oefening 6: Schrijfopdracht
Instructie: Schrijf 6 tot 8 zinnen waarin je een situatie uitlegt waarin je iets moest onderhandelen (bijvoorbeeld werktijden, een project of een prijs) en geef je mening over het resultaat.
Nuttige uitdrukkingen:
En mi opinión, la oferta era… / Al final llegamos a un compromiso porque… / Yo rechacé la primera propuesta y pedí… / Sin duda, el resultado fue positivo / negativo porque…