A2.12 - Mijn tijd op school
A2.12 - Mijn tijd op school

A2.12 - Mijn tijd op school - Oefeningen

Mi tiempo en la escuela


Oefening 1: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

echar de menos — tener nostalgia de (missen — heimwee hebben naar)
inscribirse — apuntarse a (zich inschrijven — zich aanmelden)
sacar buenas notas — aprobar (goede cijfers halen — slagen)
sacar malas notas — suspender (slechte cijfers halen — zakken)

Oefening 2: Examenvoorbereiding

Instructie: Lees de tekst, vul de lege plekken in met de ontbrekende woorden en beantwoord de vragen hieronder


Folleto del AMPA: charla sobre la ESO

Vul de lege plekken in: sacaban, secundaria, colegio, suspendían, infancia, experiencia

(AMPA-folder: voorlichtingsbijeenkomst over de ESO)

El AMPA del organiza una charla para las familias sobre el paso de primaria a . Se explicará cómo funciona la ESO en el instituto del barrio: más asignaturas, más profesores y un horario más largo. También hablarán del departamento de orientación y de cómo apoyar a los alumnos en los primeros meses.

Al final habrá un turno de preguntas. Algunas madres y padres cuentan que, en su , el colegio era más pequeño y los grupos no cambiaban. Otros recuerdan que a veces buenas notas y otras algún examen, pero aprendieron con la .
De oudervereniging van de school organiseert een voorlichtingsbijeenkomst voor gezinnen over de overgang van de basisschool naar het voortgezet onderwijs. Er wordt uitgelegd hoe de ESO werkt op de middelbare school in de wijk: meer vakken, meer docenten en een langere schooldag. Ook vertellen ze over het begeleidingsteam en hoe je leerlingen in de eerste maanden kunt ondersteunen.

Aan het einde is er een vragenronde. Sommige moeders en vaders vertellen dat de school in hun jeugd kleiner was en dat de groepen niet veranderden. Anderen herinneren zich dat ze soms goede cijfers haalden en soms voor een toets zakten, maar dat ze daarvan hebben geleerd.

  1. ¿Qué cambios de primaria a secundaria se mencionan y qué ayuda ofrece el instituto a las familias y a los alumnos?

    (Welke veranderingen van de basisschool naar het voortgezet onderwijs worden genoemd en welke hulp biedt de middelbare school aan gezinnen en leerlingen?)

Oefening 3: Luistervaardigheid

Instructie: Luister naar het audiofragment en geef aan of de volgende uitspraken waar of onwaar zijn.

En los años de la escuela primaria iba a un colegio pequeño cerca de casa. En el aula me sentaba con mi compañero de clase y casi siempre sacaba buenas notas. A veces hacía errores en matemáticas, pero la profesora explicaba bien y nos daba clases extra. Luego, en la escuela secundaria, me costó más y saqué malas notas en historia un trimestre. Ahora, de adulta, me acuerdo mucho de esa experiencia y la echo de menos con un poco de nostalgia.
(Toen ik op de basisschool zat, ging ik naar een kleine school vlak bij huis. In de klas zat ik naast mijn klasgenoot en bijna altijd haalde ik goede cijfers. Soms maakte ik fouten bij wiskunde, maar de juf legde het goed uit en gaf ons extra lessen. Later, op de middelbare school, vond ik het moeilijker en haalde ik in één trimester slechte cijfers voor geschiedenis. Nu ik volwassen ben, denk ik vaak terug aan die ervaring en mis ik die met een beetje nostalgie.)
Waar Onwaar

(Op de basisschool zat ze op een kleine school en meestal ging het goed in de klas.)

(Op de middelbare school had ze geen enkel moeilijk vak en slaagde ze altijd zonder problemen.)

(Nu denkt ze met nostalgie terug aan haar schooltijd en zegt dat ze die mist.)

Oefening 4: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. En la escuela primaria, yo ___ casi siempre porque estudiaba un poco cada día.

(Op de basisschool ___ ik bijna altijd omdat ik elke dag een beetje leerde.)

2. El año pasado ___ Matemáticas y tuve que hacer un examen de recuperación.

(Vorig jaar ___ ik voor wiskunde en moest ik een herkansing doen.)

3. Cuando estaba en la escuela secundaria, mi profesora de Historia ___ a los alumnos que participaban en clase.

(Toen ik op de middelbare school zat, ___ mijn geschiedenislerares leerlingen die actief meededen in de les.)

Oefening 5: Gesprekskaarten

Instructie: Oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 6: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

Cuando era pequeño/a, solía… / En el colegio me gustaba… / Recuerdo que un día en clase…

  1. Cuando ibas al instituto, ¿qué asignaturas te gustaban y por qué?
    Toen je op de middelbare school zat, welke vakken vond je leuk en waarom?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Cuenta un recuerdo de tu infancia en el colegio: ¿qué pasó y cómo te sentías?
    Vertel een herinnering uit je kindertijd op school: wat gebeurde er en hoe voelde je je?

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 7: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie