Oefening 1: Correspondentie schrijven

Instructie: Schrijf een antwoord op het volgende bericht dat passend is voor de situatie

E-mail: Je ontvangt een e-mail van je baas over een dringend project voor morgen en je moet bevestigen welke taken je op je neemt en je mening geven.


Asunto: Proyecto de mañana

Hola,

mañana tenemos un proyecto urgente con el cliente López. Creo que tú puedes coordinar al equipo y preparar un pequeño informe con lo más importante.

Por favor:

  • revisa la agenda de hoy;
  • asigna la tarea de la presentación a Marta;
  • infórmame si hay algo pendiente o algún retraso.

Estoy seguro de que todo estará listo antes de la fecha límite (mañana a las 10:00).

Gracias,
Javier


Onderwerp: Project voor morgen

Hallo,

morgen hebben we een dringend project met klant López. Ik denk dat jij het team kunt coördineren en een kort rapport kunt voorbereiden met de belangrijkste punten.

Alsjeblieft:

  • bekijk de agenda van vandaag;
  • wijs de taak voor de presentatie toe aan Marta;
  • laat me weten of er iets openstaat of enige vertraging is.

Ik weet zeker dat alles klaar zal zijn voor de deadline (morgen om 10:00).

Dank,
Javier


Begrijp de tekst:

  1. ¿Qué tareas concretas pide Javier que hagas para el proyecto?

    (Welke concrete taken vraagt Javier je te doen voor het project?)

  2. ¿Para cuándo es la fecha límite del proyecto con el cliente López?

    (Voor wanneer is de deadline van het project met klant López?)

Nuttige zinnen:

  1. Creo que podemos…

    (Ik denk dat we kunnen…)

  2. No estoy seguro de que…

    (Ik ben er niet zeker van dat…)

  3. Voy a coordinar / Informo que…

    (Ik ga coördineren / Ik laat weten dat…)

Hola Javier,

Gracias por tu correo. Creo que podemos terminar el proyecto a tiempo. Hoy voy a revisar la agenda y voy a coordinar al equipo. Voy a asignar la tarea de la presentación a Marta, como dices.

Ahora mismo no veo retrasos, pero no estoy seguro de que todo el informe esté completo. Te informo esta tarde si hay algo pendiente.

Un saludo,
[Tu nombre]

Hallo Javier,

Dank voor je e-mail. Ik denk dat we het project op tijd af kunnen krijgen. Vandaag ga ik de agenda bekijken en het team coördineren. Ik wijs de taak voor de presentatie toe aan Marta, zoals je vroeg.

Op dit moment zie ik geen vertragingen, maar ik ben er niet zeker van dat het hele rapport compleet is. Ik laat je vanmiddag weten of er iets openstaat.

Groeten,
[Je naam]

Oefening 2: Een woord matchen

Instructie: Koppel de items die een verwante betekenis hebben.

Urgente — muy importante ahora (Urgente — muy importante ahora)
La fecha límite — el último día (La fecha límite — el último día)
Completar la tarea — terminar la tarea (Completar la tarea — terminar la tarea)
El líder — la persona responsable (El líder — la persona responsable)
Informar al equipo — dar información al equipo (Informar al equipo — dar información al equipo)

Oefening 3: Meerkeuze

Instructie: Kies de juiste oplossing

1. Creo que el líder ___ la agenda porque la reunión es urgente.

(Ik denk dat de leider ___ de agenda verandert omdat de vergadering dringend is.)

2. No creo que el jefe ___ la fecha límite del proyecto esta semana.

(Ik geloof niet dat de baas ___ de deadline van het project deze week verzet.)

3. Está claro que el departamento ___ bien las tareas del equipo.

(Het is duidelijk dat de afdeling ___ de taken van het team goed organiseert.)

4. No estoy seguro de que el nuevo coordinador ___ todas las notificaciones a tiempo.

(Ik weet niet zeker of de nieuwe coördinator ___ alle meldingen op tijd regelt.)

Oefening 4: Gesprekskaarten

Instructie: Kies een situatie en oefen het gesprek met je docent of medestudenten.

Oefening 5: Discussievragen

Instructie: Beantwoord de vragen met het vocabulaire uit dit hoofdstuk.

Nuttige uitdrukkingen:

En mi agenda tengo que... / La responsabilidad de... es de... / No estoy de acuerdo porque...

  1. En tu trabajo o estudios, ¿cómo organizas tus tareas cuando hay un proyecto urgente?
    Op je werk of tijdens je studie: hoe organiseer je je taken wanneer er een dringend project is?

    __________________________________________________________________________________________________________

  2. Imagina que eres líder de un equipo pequeño: ¿qué tarea delegas a otra persona y por qué?
    Stel dat je de leiding hebt over een klein team: welke taak delegeer je aan iemand anders en waarom?

    __________________________________________________________________________________________________________

  3. Tienes un informe con la fecha límite cerca y vas con retraso. ¿Qué información das a tu jefe o a tu compañera?
    Je hebt een rapport met een naderende deadline en je loopt achter. Welke informatie geef je aan je baas of aan je collega?

    __________________________________________________________________________________________________________

  4. En una reunión no estás de acuerdo con la decisión del líder sobre un proyecto. ¿Cómo expresas tu desacuerdo de forma educada?
    Tijdens een vergadering ben je het niet eens met de beslissing van de leiding over een project. Hoe geef je op een beleefde manier aan dat je het niet eens bent?

    __________________________________________________________________________________________________________

Oefening 6: Schrijfopdracht

Instructie: Schrijf 6 tot 8 regels waarin je uitlegt hoe je je werk organiseert op een dag met veel dringende taken en welke verantwoordelijkheden je deelt met je team of met je gezin.

Nuttige uitdrukkingen:

Creo que es importante porque… / Estoy de acuerdo con… / No estoy de acuerdo con… / Mi responsabilidad principal es… / Normalmente coordinamos / organizamos el trabajo así: …